h

Welstandsnota September 2016

24 september 2016

Welstandsnota September 2016

RAADSBIJDRAGE VASTSTELLING WELSTANDSNOTA 2016 bi.0160310

De fractie van de SP heeft zich vanaf het begin verzet tegen de ontmanteling van de Welstandstoets en zal dat ook nu doen. En dat willen we toch graag even uitleggen. We hebben daarvoor drie argumenten.

In het nu voorliggende voorstel wordt de welstandstoets vooraf vervangen door een toetsing achteraf. Dat vonden we onverstandig en dat vinden we nog steeds.

Oosterhout wordt welstandsvrij m.u.v. monumenten, de Contreie en beschermde stads-en dorpsgezichten, met dien verstande, dat ook de Contreie welstandsvrij zal zijn als die wijk is afgebouwd. Dat hebben wij eerder al eens als rechtsongelijkheid gekwalificeerd en we zijn nog niet van mening veranderd. De achterliggende redenering rammelt nogal. “De welstandstoets blijft vooralsnog voor de Contreie bestaan omdat het gewenste eindbeeld vastgehouden moet worden en het beeldregieplan moet blijven bestaan”. Zo staat het letterlijk in de raadsnota. Niet valt in te zien, waarom dat niet voor andere projecten ook zou moeten gelden.

Interessant is in dit verband de beantwoording van onze sjabloonvraag. In dat antwoord wordt nl. gesteld, dat afschaffen van de welstandsregels voor de Contreie ten koste zou gaan van de ruimtelijke kwaliteit van deze nieuwbouwwijk. Met de nadruk op “deze” want kennelijk geldt dat dan niet voor andere nieuwbouwwijken. En dat is raar. We mogen ervan uit gaan, dat het College ook bij andere nog op stapel staande projecten streeft naar een bepaalde ruimtelijke kwaliteit en de meest logische maner om dat te bereiken wordt afgeschaft. Maar het is niet eerlijk dit het College voor de voeten te werpen, want het College voert uit wat een meerderheid van de Raad heeft verordonneerd.

En nu we toch over onze sjabloonvraag hebben: we vroegen naar een juridische onderbouwing maar die hebben we niet gekregen. De bal werd vakkundig teruggekaatst: dat heeft de raad nu eenmaal zo besloten en dan moet je er als College maar een draai aan proberen te geven.

Maar het meest prangende is voor ons de excessenregeling. Wij zijn nogal gecharmeerd van rechtszekerheid. Dat vinden we voor onze burgers wel sympathiek, maar die rechtszekerheid, die er wel was bij een toetsing vooraf wordt nu volledig over boord gegooid. En dat geeft reden tot ongerustheid.

En die ongerustheid wordt nog versterkt als we in het rapport van Cuypers lezen hoe die excessenregeling dan zou moeten gaan werken. “Het moet ook voor niet deskundigen evident zijn, dat er sprake is van een buitensporigheid en dat evidente is dan gelegen in het feit, dat meerdere mensen iets als onaanvaardbaar beschouwen”. Met dit soort vage criteria kom je geen stap verder. Over hoeveel mensen hebben we het dan?

Dat een bouwwerk dat in extreme staat van verwaarlozing verkeert of waarbij sprake is van ernstig achterstallig onderhoud onaanvaardbaar is moge duidelijk zijn. Maar waar gaan we de grens leggen? Wanneer is verwaarlozing extreem, waar gaat achterstallig onderhoud over in ernstig achterstallig onderhoud? Dat zal de betrokkene dus pas achteraf te horen krijgen en dus gaat dat ten koste van zijn of haar rechtszekerheid.

“Een bouwwerk mag geen afbreuk doen aan de kwaliteit van de openbare ruimte. Logisch. Maar wat die kwaliteit van de openbare ruimte dan straks precies inhoudt weten we straks niet meer, oftewel wederom voer voor discussie.

“Er kan sprake zijn van een exces als een bouwwerk lang visueel en fysiek is afgesloten van de omgeving.” Hoe lang is lang? En kennelijk leidt een lange periode van afsluiting niet automatisch tot een exces, getuige het gebruik van het woord kan.

Dit zijn zo wat voorbeelden van een compleet gebrek aan rechtszekerheid en dat vinden wij niet aanvaardbaar, temeer daar deze nota , waar dit soort vaagheden in staan straks ook het toetsingskader van de externe adviescommissie moet gaan vormen.

Wij zullen dus tegenstemmen.
 

Reactie toevoegen

U bent hier