h

Duurzaamheidsagenda

25 oktober 2016

Duurzaamheidsagenda

DUURZAAMHEIDSAGENDA

Laten wij beginnen met het  begrip duurzaamheid te definiëren. In het rapport  “Our common future” van de VN wordt de volgende definitie gegeven: duurzame ontwikkeling is de ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van de toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen. Een bruikbare definitie, met dien verstande, dat wij dit willen laten gelden voor mens, plant en dier. Anders gezegd: hoe kunnen we  de behoeften van de mens ontwikkelen zonder dat dat de mensen, het milieu en de economie in gevaar brengt. Daarvoor zijn drie pijlers aan te geven: beperking CO2 uitstoot, gebruikmaken van duurzame energiebronnen en beperking van energiegebruik. Wij gaan hier niet de noodzaak daartoe uitleggen, wij mogen toch aannemen, dat eenieder inmiddels wel van die noodzaak overtuigd is. Maar misschien zijn we inmiddels al zo ver met onze aarde naar de afgrond te brengen, dat noodzaak alleen niet meer genoeg is en we moeten spreken van topprioriteit.

Op het gebied van beperking CO2  uitstoot (we begrijpen dit aldus, dat dit alleen geldt voor de niet-emissiehandelssectoren ) hanteert het College een aantal doelstellingen: in 2020 een beperking van 30 % tov van 1990, in 2030 een beperking van 40 % en in 2050 een beperking van 80-90 %. Daarmee wordt voldaan aan de doelstellingen van het nationaal energieakkoord en afspraken in EU verband. Sterker nog, dit College gaat nog een par stappen verder. Ook wordt hier recht gedaan aan de uitspraak in de Urgendazaak, waarin de rechtbank de overheid opdroeg  in 2020 te zorgen voor een broeikasgas reductie van 25 % tov 1990.

Wat betreft gebruikmaking van duurzame energiebronnen:  doel is in 2020 te komen tot 16 % en in 2030 tot 27 %. Ook dit voldoet aan het nationaal Energieakkoord en liggen we zelfs drie jaar voor als we deze doelstellingen handhaven en halen.

Energiebesparing: met 2 % per jaar tot 2012 voldoen we wederom aan het nationaal energieakkoord. Probleem is hier dan wel, dat we met 2 % per jaar de EU doelstelling van 20 % energiebesparing in 2020 niet halen.

Wat opvalt is, dat bij de doelstellingen energiebesparing na 2020 niet meer genoemd wordt. Mbt duurzame energie zien we na 2030 ook geen doelstellingen meer.

Nu loopt deze duurzaamheidsagenda tot 2018. We gaan ervan uit, dat daarna nieuwe doelen zullen worden geformuleerd. We horen graag van het College hoe zij dat ziet. Uit het antwoord op vragen van GrL blijkt, dat na 2018 inderdaad een nieuwe agenda wordt opgesteld maar daar wordt alleen gesproken over aanpassing van de aanpak en intensiteit, maar niet over nieuwe doelen.

Wij hebben onszelf de vraag  gesteld of deze doelen ambitieus genoeg zijn. Dat levert een spanningsveld op tussen wat je eigenlijk zou willen en wat reëel is. Het gaat ons eigenlijk allemaal te langzaam, tegelijk realiseren we ons, dat het bedrijven van realpolitik hier toch de enige optie is. Maar de ontwikkelingen gaan snel, de technische mogelijkheden nemen toe en dus vinden we het prettig te mogen lezen, dat de planning indien nodig geactualiseerd zal worden en ruimte laat voor nieuwe ontwikkelingen en initiatieven. Oftewel: sneller als het sneller kan.

En natuurlijk kan de gemeente dat allemaal niet alleen. Dus zelf het goede voorbeeld geven, stimuleren en faciliteren. Het instituut van de duurzaamheidslening is een zeer probaat middel om duurzaamheid te faciliteren. We zijn dan ook blij te mogen constateren, dat deze lening ingevoerd zal gaan worden. We wachten de voorstellen daartoe met belangstelling af.

In de woonvisie, die we een tijdje geleden behandeld hebben werd gesteld, dat veel mensen zich nog steeds primair laten leiden door de eigen portemonnee. Een omslag in het denken is dus hoogst noodzakelijk en de gemeente kan daar het voortouw nemen en doet dat ook.

Ook vragen we aandacht voor de convenant die de overheid in december zal sluiten om in 2050 de Nederlandse economie volledig te laten draaien  op herbruikbare grondstoffen, ofwel een volledig circulaire economie. Ook Oosterhout zal hier haar partij moeten meeblazen.  In 2017 volgt een actieplan om die doelstelling te halen. Dan is het vrij lastig om nu al in deze nota concrete acties te benoemen, maar de techniek is er. Een mooi voorbeeld is het nieuwe stadhuis in Venlo, dat volledig cradle to cradle is gebouwd. Als Venlo het kan kunnen wij het ook. Mooi, dat er Venlo ook nog iets goeds kan komen. We gaan ervan uit, dat ook Oosterhout haar verantwoordelijkheid zal nemen en horen graag een reactie.

In de nota worden een groot aantal activiteiten genoemd om de gestelde doelen te bereiken. Belangrijk is goed te monitoren of we op koers liggen en waar nodig bij te sturen.

Dan de financiën. Het is lastig te beoordelen of een budget van E. 74.000,= voldoen is om de doelstellingen te halen. Zo op het eerste gezicht leek ons een budget van  E. 74.000,= tamelijk beperkt  en die gedachte was niet zo raar getuige het antwoord op de desbetreffende vraag van de PvdA.  Mocht gaandeweg blijken, dat het budget onvoldoende is schroom dan niet bij de raad aan te kloppen voor aanvullend budget. Het onderwerp is er belangrijk genoeg voor.

Tot slot voorzitter: op 14 juli 2015 hebben wij samen met Groen links een motie ingediend met de vraag onderzoek te doen naar demogelijkheden de aanleg van groene daken effectief te bevorderen. Deze motie heeft het toen niet gehaald. Bij de behandeling heeft de poho aangegeven, dat er wel in die richting onderzoek zal worden gedaan. De motie werd toen niet overgenomen omdat de Raad te verdeeld was. Over groene daken lezen we niets in deze agenda. Derhalve zouden we graag van het College willen horen hoe het met dit onderzoek is gesteld en hoe het College nu tegen groene daken aankijkt.

Reactie toevoegen

U bent hier