h

Raadsbijdrage Bestemmingsplan Wilhelminahaven.

18 mei 2017

Raadsbijdrage Bestemmingsplan Wilhelminahaven.

Het bestemmingsplan Wilhelminahaven werd al eerder door onze raad vastgesteld, maar we werden door de RVS teruggefloten. De eerste vraag die dan opkomt is of we kunnen volstaan met repareren of moeten we het bestemmingsplan geheel opnieuw het hele formele traject laten doorlopen.

Het antwoord is : als we kijken naar de overwegingen van de RVS behoeft alleen datgene gerepareerd te worden waar wij volgens de RVS niet genoeg ons best hebben gedaan. En dat valt eigenlijk best wel mee, zo heel dom zijn we nou ook niet weer bezig geweest, getuige het feit, dat bezwaarmaker op 18 punten ongelijk heeft gekregen. 18 keer mogen we in de uitspraak lezen: het beroep faalt. Tellen we daarbij op een aantal keren dat een bezwaar buiten bespreking werd gelaten omdat een beroep werd gedaan op een bepaling die niet geschreven was voor het belang waarvoor bezwaarmaker bescherming inriep dan blijven er eigenlijk maar twee wezenlijke punten over. Dat is niet de ontmoetingsplek, die ga ik verder niet bespreken. Dat probleem is ondervangen door die regeling eenvoudig te schrapen.

Blijven over de verkeersafwikkeling en mogelijke windhinder.

Wat betreft de verkeersafwikkeling op de Bredaseweg viel de RVS eigenlijk over twee dingen. Ten eerste stond in het toenmalige rapport van Antea dat het beperken van het aantal rijrichtingen goede kansen lijkt te bieden, maar dat dat wel effecten heeft op nabijgelegen woonbuurt en kruising. Maar dat was toen nog niet verder onderzocht en daar was de RVS niet zo van gecharmeerd. Vervolgens was de RVS ook niet zo gelukkig met het feit, dat dat nader onderzoek zou worden verricht in het kader van het nog op te stellen mobiliteitsplan omdat er dan geen zekerheid bestaat dat dan ook afdoende maatregelen getroffen zullen worden. De RVS zegt in feite, dat we dat niet straks bij het mobiliteitsplan moeten doen, maar dat in het kader van het vaststellen van het bestemmingsplan aannemelijk moet worden gemaakt, dat de gevolgen van de verkeerstoename uit oogpunt van goede ruimtelijke ordening aanvaardbaar zijn.

En we mogen thans constateren, dat aan deze bezwaren van de RVS tegemoet is gekomen. Uit nader onderzoek is gebleken dat beperking van het aantal rijrichtingen ( lees: Molenstraat eenrichtingsverkeer ) toch geen goed plan is, dus dat doen we niet. En de verkeersafwikkeling op de Bredaseweg wordt aanzienlijk verbeterd, door een andere afstelling van de verkeersregelinstallatie, waardoor wachttijden en filevorming tot aanvaardbare proporties worden teruggebracht. En dat is geen toekomstmuziek, dat gaan we als dit voorstel wordt goedgekeurd ook gewoon doen. Daar hebben we overigens Wilhelminahaven niet voor nodig want ook zonder deze planontwikkeling was dat nodig. Dat gecombineerd met het feit, dat Zwaaikom een 1000 maar 500 woningen zal gaan tellen ( er vanuit gaande dat die plannen in deze vorm zullen worden goedgekeurd )leidt de fractie van de SP tot de conclusie, dat dat aan de bezwaren van de RVS afdoende is tegemoetgekomen en we een sluitende motivering kunnen presenteren als we stellen, dat de verkeersbelasting uit oogpunt van goede ruimtelijke ordening op aanvaardbare wijze is geregeld.

Aspect windhinder.

Hierbij ging het bij de RVS mis, omdat geen nader onderzoek was verricht naar mogelijke windhinder bij de woontoren en in de planregels alleen was opgenomen, dat geen omgevingsvergunning kan worden verstrekt, indien uit windhinderonderzoek mocht blijken, dat er voor de monumentale bomen onevenredige schade wordt veroorzaakt door nieuw te bouwen woningen en gebouwen. Dat was voor de RVS niet voldoende, omdat dan niet voldoende verzekerd is dat er door de kanaaltoren geen onaanvaardbare windhinder voor de omgeving zal ontstaan.

Dus haalde de RVS een streep door de kanaaltoren wegens onvoldoende motivering, omdat wij niet voldoende hadden gemotiveerd waarom geen nader onderzoek was verricht naar de gevolgen van de Kanaaltoren voor het windklimaat in de omgeving.

Inmiddels beschikken we wel over een windhinderonderzoek en zijn de gevolgen van de Kanaaltoren voor de omgeving in beeld. Essentie daarvan is, dat in een beperkt gebied een matig windklimaat voor slenteren en een matig windklimaat voor lopen wordt geprognosticeerd. De bomen lopen geen gevaar.

Het criterium is of er door de bouw van de kanaaltoren onaanvaardbare windhinder voor de omgeving dreigt te ontstaan. Met de nadruk op onaanvaardbaar. Daarvan is geen sprake. We leven nu eenmaal in een land waar het wel eens waait en soms is dat niet leuk maar enige mate van wind is onvermijdelijk. Nergens wordt windgevaar verwacht. En bovendien kan het windklimaat nog verbeterd worden door aanpassing van de begroeiing.

Aldus kunnen we gemotiveerd stellen, dat de bouw van de kanaaltoren niet tot onaanvaardbare windhinder zal leiden.

Aan de bezwaren van de RVS is mitsdien tegemoet gekomen. Het College krijgt van de fractie van de SP groen licht.

Reactie toevoegen

U bent hier